Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021
Onder 2.6 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021, ECLI:NL:PHR:2021:847.
Om in aanmerking te komen voor een Europees octrooi moet een uitvinding nieuw zijn, op uitvinderswerkzaamheid berusten en industrieel toepasbaar zijn (art. 52 EOV). In onze cassatie speelt alleen de inventiviteitsvraag. Van inventiviteit is sprake als een vinding “voor een deskundige niet op een voor de hand liggende wijze voortvloeit uit de stand van de techniek” (art. 56 EOV). De octrooirechtelijke maatpersoon is de “gemiddelde vakman”. Deze vakman beschikt (bij wege van juridische fictie) over alle voorhanden algemene vakkennis, heeft toegang tot de volledige stand van de techniek, maar ontbeert iedere vorm van creativiteit .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/edff8a3d910e9980aa34840e96ef5c9c8d5d26167a93d1d3a7376dd4afd8893c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt edff8a3d910e9980aa34840e96ef5c9c8d5d26167a93d1d3a7376dd4afd8893c, en de alinea staat in dat document op bytes 107319 tot 108039.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/edff8a3d910e9980aa34840e96ef5c9c8d5d26167a93d1d3a7376dd4afd8893c | shasum -a 256