Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021

Onder 2 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021, ECLI:NL:PHR:2021:866.

De rechtbank heeft [eiseressen] niet-ontvankelijk verklaard in hun vordering. Zij heeft daartoe als volgt overwogen. In art. 7 van de Kostenwet invordering rijksbelastingen (hierna: de Kostenwet) is bepaald dat tegen het in rekening brengen van kosten voor het betekenen van een dwangbevel bezwaar en beroep bij de Ontvanger openstaat. Op grond van artikel 75 lid 4 van de Leidraad Invordering moet het verzoek worden aangemerkt als een bezwaarschrift tegen de vaststelling van de betekeningskosten. Dit brengt mee dat de afwijzingsbeslissing moet worden beschouwd als een beslissing op dat bezwaar en daarmee een voor beroep vatbare beslissing. Dit betekent dat hiertegen een bestuursrechtelijke rechtsgang bij de belastingrechter openstond, aldus de rechtbank.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/521950b08c96ca178fcfb142184ffca9b20fc55f6ce64d718075f7b01e3ecf98. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 521950b08c96ca178fcfb142184ffca9b20fc55f6ce64d718075f7b01e3ecf98, en de alinea staat in dat document op bytes 18334 tot 19111.