Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021

Onder 3.3 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2021, ECLI:NL:PHR:2021:866.

Dit wordt in de literatuur onder meer gerelateerd aan, kort gezegd, de figuur van de formele rechtskracht (waaruit mede volgt dat (in beginsel) een overheidsbesluit na het verstrijken van de bezwaar- of beroepstermijn vaststaat en de burgerlijke rechter moet uitgaan van de rechtsgeldigheid van een besluit indien een bestuursrechtelijke rechtsgang heeft opengestaan, maar onbenut is gelaten) en het gegeven dat als de beslissende overheidsinstantie bevoegd is om ambtshalve af te doen aan een vaststaand besluit, het daartoe in een concreet geval, althans in de regel, niet (ook) zonder meer verplicht is, maar een zekere, mede door de feiten en omstandigheden van het geval bepaalde, beoordelingsruimte heeft. Wat betreft de rechtspraak ter zake wijs ik op een betrekkelijk recent arrest van het gerechtshof Den Haag:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/521950b08c96ca178fcfb142184ffca9b20fc55f6ce64d718075f7b01e3ecf98. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 521950b08c96ca178fcfb142184ffca9b20fc55f6ce64d718075f7b01e3ecf98, en de alinea staat in dat document op bytes 39942 tot 41030.