Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2021
Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2021
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:87.
Rechtspraak van het Hof van Justitie die specifiek is toegesneden op de betekenis van de begrippen ‘arbeidsovereenkomsten en arbeidsbetrekkingen’ in art. 10 IVO ontbreekt vooralsnog. Wel heeft het Hof van Justitie zich meermaals uitgesproken over de betekenis van deze begrippen (en het daaraan verwante begrip arbeidsverhouding ) in de context van andere , eveneens autonoom uit te leggen Europese regelgeving, die eveneens strekt ter bescherming van werknemers. In deze ‘vaste rechtspraak’, die is begonnen met het meergenoemde arrest Lawrie-Blum , is geoordeeld dat bij de uitleg van het begrip ‘werknemer’ moet worden uitgegaan van ‘objectieve criteria’ die volgens het Hof van Justitie kenmerkend zijn voor de ‘arbeidsverhouding’ ( ‘employment relationship ’). Het hoofdkenmerk van dit laatste begrip – dat dus tevens bepalend is voor het aannemen van werknemerschap in communautaire zin – is ‘dat iemand gedurende een bepaalde tijd voor een ander en onder diens gezag prestaties levert en als tegenprestatie een vergoeding ontvangt’. In verband met het al genoemde beginsel van autonome uitleg mag het rechtskarakter van een arbeidsverhouding naar nationaal recht volgens het Hof geen gevolgen hebben voor de hoedanigheid van werknemer in communautaire zin.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de902deb3473613cbb680bb0ac64a5250592aa1591e044c354135b4ff6b5142a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de902deb3473613cbb680bb0ac64a5250592aa1591e044c354135b4ff6b5142a, en de alinea staat in dat document op bytes 32479 tot 34306.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/de902deb3473613cbb680bb0ac64a5250592aa1591e044c354135b4ff6b5142a | shasum -a 256