Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2021

Onder 2.15 Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2021, ECLI:NL:PHR:2021:87.

Ingevolge art. 40 lid 1 Fw kan de faillissementscurator arbeidsovereenkomsten van werknemers in dienst van de gefailleerde opzeggen met inachtneming van de overeengekomen of wettelijke opzegtermijnen, en in elk geval tegen een opzegtermijn van zes weken. Maakt de curator van deze opzeggingsbevoegdheid gebruik, dan zijn op grond van art. 40 lid 2 Fw het loon en de met de arbeidsovereenkomst samenhangende premieschulden vanaf de faillissementsdatum ‘boedelschuld’. Dit betekent dat de werknemers hun desbetreffende vorderingen rechtstreeks op de boedel kunnen verhalen en niet ter verificatie behoeven in te dienen (zie alinea 2.29 hierna). Onder het loonbegrip van art. 40 lid 1 Fw valt ook een eventuele aanspraak wegens niet-genoten vakantiedagen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de902deb3473613cbb680bb0ac64a5250592aa1591e044c354135b4ff6b5142a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de902deb3473613cbb680bb0ac64a5250592aa1591e044c354135b4ff6b5142a, en de alinea staat in dat document op bytes 42733 tot 43567.