Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2021

Onder 4.65 Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2021

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2021, ECLI:NL:PHR:2021:983.

Het leerstuk van de slaafse nabootsing is dus bedoeld als ‘vangnet’ voor gevallen waarin bescherming door een absoluut IE-recht niet of niet langer beschikbaar is. Tegen deze achtergrond wordt aangenomen dat er in beginsel geen negatieve reflexwerking uitgaat van IE-rechten zoals het auteursrecht en het modellenrecht. Dat ligt slechts anders in kwesties die uitputtend geregeld zijn in de desbetreffende IE-wetgeving. De strekking van die wetgeving is in dit verband beslissend. Zo heeft de Hoge Raad negatieve reflexwerking toegekend aan de auteursrechtelijke regel die ‘stijlnabootsing’ toelaat (een stijl wordt niet als ‘werk’ in de zin van art. 1 Aw beschouwd). Volgens de Hoge Raad laat het recht geen ruimte voor aanvullende bescherming op grond van art. 6:162 BW tegen slaafse nabootsing van een stijl of stijlkenmerken, omdat anders de ratio van die regel – de gedachte dat auteursrechtelijke bescherming van stijlkenmerken een ‘rem op culturele ontwikkelingen’ zou vormen – zou worden doorkruist. Dit laat onverlet dat ‘slaafse stijlnabootsing’ volgens de Hoge Raad onder bijkomende omstandigheden wél onrechtmatig zou kunnen zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/68d4a31ca5c172292b0c3d6f1ed75d2f4dec47c217dd652898bde33cb7c3fb7c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 68d4a31ca5c172292b0c3d6f1ed75d2f4dec47c217dd652898bde33cb7c3fb7c, en de alinea staat in dat document op bytes 184107 tot 185584.