Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2022
Onder 3.9 Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:100.
Ik heb in de wetsgeschiedenis niets kunnen vinden over de reden(en) voor handhaving van art. 16a Wet bpm ondanks de afschaffing van de vermelding van het bpm-bedrag op het kentekenbewijs (2012) en de invoering van de kenteken card (2014). Gezien de in 3.5 hierboven geciteerde MvT bij de invoering van art. 16a, was er na die afschaffing c.q. invoering geen bestaansgrond meer voor art. 16a Wet bpm. Aangezien het belastbare feit tot 2022 pas voltooid was op het moment van tenaamstelling van het kenteken, was er na de afschaffing van de bpm-vermelding op het kentekenbewijs geen reden meer om art. 16a te handhaven. Integendeel, gegeven dat het de fiscale neutraliteit verstoorde tussen december-2016-gekentekende nieuwe auto’s die in januari/februari 2017 op naam werden gesteld (tarief 2016) en identieke januari-2017-gekentekende nieuwe auto’s die eveneens in januari/februari 2017 op naam werden gesteld (tarief 2017).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41d2e91e6eab1dfdbdd51f02018ee169b3ef970d9f251c320fb4bd81973e60e0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41d2e91e6eab1dfdbdd51f02018ee169b3ef970d9f251c320fb4bd81973e60e0, en de alinea staat in dat document op bytes 53651 tot 54626.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41d2e91e6eab1dfdbdd51f02018ee169b3ef970d9f251c320fb4bd81973e60e0 | shasum -a 256