Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 november 2022

Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 1 november 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 november 2022, ECLI:NL:PHR:2022:1012.

De vraag is of verdachte die foto’s heeft gemaakt. Ter terechtzitting van het hof heeft verdachte verklaard dat hij van geen van de foto’s weet of hij die heeft gemaakt. Hij stelt dat het mogelijk deels selfies betrof of foto’s die de kinderen zelf hebben genomen. Deze alternatieve lezing van verdachte vindt echter op geen enkele wijze steun in het dossier. Het hof acht het wettig en overtuigend bewezen dat het verdachte was die de betreffende foto’s heeft gemaakt. Het hof wijst baseert zich daarbij op de verklaring van [aangeefster] waarin zij stelt dat verdachte foto’s van haar maakte terwijl zij bloot was en op de verklaring van verdachte ter terechtzitting van de rechtbank dat hij foto’s maakte van [aangeefster] , als zij naakt was.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca8ee5fa293a7d7332ebc964678afa3f3c3d2dce7b1f5a867ed22068c9fb6872. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca8ee5fa293a7d7332ebc964678afa3f3c3d2dce7b1f5a867ed22068c9fb6872, en de alinea staat in dat document op bytes 81365 tot 82139.