Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 november 2022
Onder 3.20 Parket bij de Hoge Raad 1 november 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 november 2022, ECLI:NL:PHR:2022:1012.
Het oordeel van het hof hield in cassatie geen stand, mede omdat het hof de omstandigheid dat sprake was van een gegrond vermoeden als bedoeld in art. 288 lid 1 sub b Sv dat de gezondheid van de getuige door afleggen van verklaring in gevaar zou worden gebracht, onvoldoende had gemotiveerd. Ook het oordeel dat art. 6 EVRM niet in de weg stond aan het gebruik van de door het nichtje afgelegde verklaring voor het bewijs, werd door de Hoge Raad niet zonder meer begrijpelijk geacht, omdat het hof onvoldoende blijk had gegeven te hebben nagegaan of de procedure in haar geheel voldeed aan het door art. 6 EVRM gewaarborgde recht op een eerlijk proces. Daarbij nam de Hoge Raad in aanmerking dat de overweging van het hof dat er voldoende steunbewijs was, niet zonder meer begrijpelijk was, en het hof er onvoldoende blijk van had gegeven of er een goede reden bestond voor het niet bieden van een ondervragingsmogelijkheid. Van belang voor onderhavige zaak is de laatste overweging van de Hoge Raad:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca8ee5fa293a7d7332ebc964678afa3f3c3d2dce7b1f5a867ed22068c9fb6872. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca8ee5fa293a7d7332ebc964678afa3f3c3d2dce7b1f5a867ed22068c9fb6872, en de alinea staat in dat document op bytes 97323 tot 98337.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca8ee5fa293a7d7332ebc964678afa3f3c3d2dce7b1f5a867ed22068c9fb6872 | shasum -a 256