Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022

Onder 2.19 Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:103.

Voor zover het onderdeel bedoelt te betogen dat de Belgische strafrechtelijke beslissingen op grond van art. 33 EEX-Verordening in Nederland dezelfde werking hebben als in België, gaat het uit van een onjuiste rechtsopvatting. Strafrechtelijke beslissingen vallen buiten het materiële toepassingsgebied van de EEX-Verordening (zie art. 1 EEX-Verordening) en komen onder deze verordening niet voor erkenning in aanmerking. Voor zover de klacht uitgaat van de opvatting dat het Belgische recht van toepassing is op de vraag in hoeverre de Nederlandse rechter betekenis moet toekennen aan deze strafrechtelijke beslissingen, is dit eveneens onjuist. De bewijskracht van een buitenlands strafvonnis moet in een Nederlandse civiele procedure naar Nederlands recht worden beoordeeld. Op grond van art. 152 lid 2 Rv hebben uitspraken van een buitenlandse strafrechter vrije bewijskracht. Dit betekent dat het hof een ruime beoordelingsvrijheid toekwam bij de beslissing om al dan niet betekenis toe te kennen aan de Belgische strafrechtelijke uitspraken en dat het hof niet gebonden is aan de feitelijke en juridische oordelen in die uitspraken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a98d1debcd5cbeb1085c4fef009f4254795dbb7d62eb947a21e400edc396e3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a98d1debcd5cbeb1085c4fef009f4254795dbb7d62eb947a21e400edc396e3a, en de alinea staat in dat document op bytes 39891 tot 41172.