Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2022
Onder 3.16 Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:14.
Subonderdeel 4c keert zich in de eerste plaats (p.i., nr. 6.6) tegen de overweging van het hof in rov. 3.6 dat ook voor het oordeel dat de curator anderszins bedrog in het geding heeft gepleegd als bedoeld in art. 382 aanhef en sub a Rv, het betoog van [eiser] niet volstaat. Volgens het subonderdeel getuigt dit oordeel van een onjuiste rechtsopvatting, voor zover het hof daarmee heeft geoordeeld dat van bedrog aan de zijde van de curator geen sprake is, omdat hij zich verliet op een verklaring van [betrokkene 1] . Deze verklaring ontsloeg de curator immers niet van zijn verplichting om zelfstandig na te gaan of de administratie inderdaad ten dele was vernietigd. Voorts getuigt het oordeel volgens het subonderdeel van een onjuiste rechtsopvatting, indien het hof heeft miskend dat de betreffende verklaring van [betrokkene 1] voor risico van de curator komt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77adcc86001522ae73387842f57b8096d1cc3398998201beb3fc2bc347b9194e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77adcc86001522ae73387842f57b8096d1cc3398998201beb3fc2bc347b9194e, en de alinea staat in dat document op bytes 41363 tot 42363.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/77adcc86001522ae73387842f57b8096d1cc3398998201beb3fc2bc347b9194e | shasum -a 256