Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2022

Onder 5.2.1. Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:166.

Vaststelling van de omvang van het smartengeld geschiedt volgens art. 6:106 BW door de rechter naar billijkheid . Het is niet toevallig dat daar niet ‘ redelijkheid en billijkheid’ staat, omdat ander nadeel dan vermogensschade zich in de kern niet naar rationele maatstaven in geld laat uitdrukken en een juist bedrag zich dus niet aan de hand van redelijkheid met argumenten dwingend laat motiveren. Vaststelling ‘naar billijkheid’ betekent volgens de parlementaire geschiedenis dat de rechter, vanwege de dubbele functie van smartengeld – genoegdoening en compensatie – rekening moet houden met alle omstandigheden van het geval.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4618e073133d9480686d8a3d5c7719521e730e4824fb0c18be05c1f3c9bdb7c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4618e073133d9480686d8a3d5c7719521e730e4824fb0c18be05c1f3c9bdb7c2, en de alinea staat in dat document op bytes 276659 tot 277511.