Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022

Onder 3.24 Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:201.

Het oordeel van het hof dat op dit moment niet kan worden aangenomen dat tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen, is niet onvoldoende begrijpelijk gemotiveerd. Het hof heeft immers met zoveel woorden de stelling van [verzoeker] over het bestaan van de overeenkomst en de gemotiveerde betwisting daarvan door CEB in zijn beschouwing betrokken alsmede hetgeen [verzoeker] ter onderbouwing van zijn stelling heeft overgelegd (aantekeningen van [betrokkene 1] ) en uiteengezet (over de zakelijke verhoudingen tussen partijen in de loop van de tijd). Het hof heeft aldus de maatstaf toegepast zoals door de Hoge Raad bedoeld. Subonderdeel 2.1 faalt dus.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3d7db5af467ba45e1ef34caf22ae847b07aba74aac947a7036340652b53a325d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3d7db5af467ba45e1ef34caf22ae847b07aba74aac947a7036340652b53a325d, en de alinea staat in dat document op bytes 45355 tot 46044.