Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022
Onder 3.25 Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2022, ECLI:NL:PHR:2022:201.
Subonderdeel 2.2 bestrijdt het oordeel van het hof in rov. 3.9 dat [verzoeker] verder niet voldoende met feiten heeft onderbouwd dat zijn betrokkenheid bij MMZ als bestuurder en aandeelhouder het gevolg is geweest van enigerlei afspraak tussen hem en CEB en dat daarom (ook) in dit opzicht niet kan worden uitgegaan van een rechtsbetrekking waarbij [verzoeker] partij is. Volgens het subonderdeel is dit oordeel onvoldoende begrijpelijk gemotiveerd omdat [verzoeker] zich uitdrukkelijk heeft beroepen op een reeds bij het inleidend verzoekschrift in het geding gebrachte brief van (de advocaat van) CEB waarin wordt erkend dat en uiteengezet wordt waarom CEB hem als bestuurder/aandeelhouder heeft aangesteld, waarnaar in de pleitnota hoger beroep wordt verwezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3d7db5af467ba45e1ef34caf22ae847b07aba74aac947a7036340652b53a325d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3d7db5af467ba45e1ef34caf22ae847b07aba74aac947a7036340652b53a325d, en de alinea staat in dat document op bytes 46108 tot 47006.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3d7db5af467ba45e1ef34caf22ae847b07aba74aac947a7036340652b53a325d | shasum -a 256