Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2022

Onder 4.13 Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2022, ECLI:NL:PHR:2022:231.

Verder klaagt werkneemster onder 18 dat het oordeel van het hof in rov. 4.9, eerste volzin, dat de verstoorde arbeidsverhouding “ niets te maken heeft ” met de vrijheid van meningsuiting van werkneemster onbegrijpelijk is in het licht van de door het hof zelf vastgestelde feiten en in het licht van de processtukken. Als de inhoud van het boek zodanig zou zijn geweest dat dit boek bij geen enkele collega tot onrust had kunnen leiden, zou immers ook in de visie van het hof geen verstoorde arbeidsverhouding zijn ontstaan. De opmerking van het hof in rov. 4.9, vijfde volzin, inhoudend dat het ontbindingsverzoek ziet op “ de gevolgen die de inhoud van het boek heeft op de interne verhoudingen en werkrelaties ”, vormt in dat verband geen toereikende motivering, nu inherent is aan het uitoefenen van het recht van vrijheid van meningsuiting dat dergelijke gevolgen er zijn, en het verzoekschrift en de bestreden beschikking precies op die gevolgen ingaan, aldus de klacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a8612dcabe8afda449ad7da9944f03395580dff9f349fa83b875da2a5ccd7e77. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a8612dcabe8afda449ad7da9944f03395580dff9f349fa83b875da2a5ccd7e77, en de alinea staat in dat document op bytes 37757 tot 38858.