Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022
Onder 2.4 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022, ECLI:NL:PHR:2022:328.
“(…) Cliënten kwamen hier praten over huwelijkse voorwaarden, omdat zij niet willen dat de gemeenschap van goederen intreedt. De vrouw heeft de woning aan de [a-straat 1] in [plaats] . Die is haar eigendom. Ze hebben samengewoond en er zijn 3 kinderen. Deze kinderen zijn erkend door de vader. Het is de bedoeling dat de waarde van de woning in geval van eventuele echtscheiding aan de kant van de vrouw blijft. Behalve de woning van de vrouw zijn er geen zaken van betekenis die als aanbrengsten vermeld moeten worden. Een tweede reden om de huwelijkse voorwaarden te maken is het voornemen van de man om wellicht een eigen onderneming te beginnen. In dat geval is het beter om géén gemeenschap van goederen te hebben, zodat bij een faillissement van de ondernemer toch nog vermogen buiten bereik van de schuldeisers blijft. (…)”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2, en de alinea staat in dat document op bytes 8449 tot 9342.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2 | shasum -a 256