Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022

Onder 2.26 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022, ECLI:NL:PHR:2022:328.

Het hof heeft bij genoemd eindarrest, recht doende in het principaal hoger beroep, het hoger beroep verworpen. In het incidenteel hoger beroep heeft het hof het tussen de partijen gewezen vonnis van de rechtbank Gelderland van 15 november 2018 wat betreft het dictum onder 5.1 vernietigd en, in zoverre opnieuw recht doende, de man veroordeeld tot betaling aan de vrouw van een bedrag van € 76.400,04 wegens haar investering in de woning aan de [b-straat 1] te [plaats] , onder aftrek van/verminderd met de vordering van € 20.000,- die de man op de vrouw heeft vanwege overbedeling van de vrouw bij toedeling van die woning aan haar. Dit arrest is wat betreft de hiervoor weergegeven veroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het hof heeft in het principaal en incidenteel beroep het voornoemde vonnis van de rechtbank voor het overige bekrachtigd, de kosten van het hoger beroep – inclusief die van het incident – tussen de partijen gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt en het meer of anders gevorderde afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2, en de alinea staat in dat document op bytes 23057 tot 24218.