Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022
Onder 3.3 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022, ECLI:NL:PHR:2022:328.
Alvorens op de onderdelen in te gaan, schets ik het juridisch kader van (i) vergoedingsrechten algemeen; (ii) vergoedingsrechten ingeval er geen huwelijksvermogensrechtelijke gemeenschap bestaat; (iii) vergoedingsrecht: een verbintenis uit de wet en jurisprudentie (iv) opeisbaarheid vergoedingsrechten; (v) verjaring vergoedingsrechten; (vi) verlenging verjaringstermijn (art. 3:320 en 3:321 BW); en (vii) kritiek op korte verlengingstermijn van art. 3:320 BW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2, en de alinea staat in dat document op bytes 27486 tot 27960.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2 | shasum -a 256