Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022

Onder 3.17 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2022, ECLI:NL:PHR:2022:328.

De verplichting uit art. 1:87 lid 1 BW alsmede de vergoedingsrechten van art. 1:96 lid 4 en 5 BW (de reprises en récompenses) zijn verbintenissen die uit de wet voortvloeien (net zoals bijvoorbeeld onverschuldigde betaling, ongerechtvaardigde verrijking en onrechtmatige daad). Vóór de invoering in 2012 van art. 1:87 BW waren vergoedingsrechten, buiten de reprises en récompenses, gebaseerd op de jurisprudentie, te weten: op het hiervoor reeds meerdere malen aan bod gekomen Kriek/Smit -arrest. Dit geldt m.i. evenzeer voor vergoedingsrechten van echtgenoten die na 2012 zijn ontstaan maar die niet onder de bepaling van art. 1:87 BW vallen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ea8cb23ecd212037c77c06f3ffde0c33c04006aac685e4fe7c100ca54bf30e2, en de alinea staat in dat document op bytes 46934 tot 47756.