Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 april 2022
Onder 3.1 Parket bij de Hoge Raad 8 april 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 april 2022, ECLI:NL:PHR:2022:348.
2(c). Indien de arbeid van de in vraag 2(a) bedoelde werknemer deels bestaat in cabotagevervoer – dat wil zeggen: vervoer dat uitsluitend wordt verricht op het grondgebied van een andere lidstaat dan de lidstaat waar die werknemer gewoonlijk werkt – wordt die werknemer dan in elk geval voor dat gedeelte van zijn werkzaamheden geacht tijdelijk te werken op het grondgebied van eerstgenoemde lidstaat? Zo ja, geldt in dit verband een ondergrens, bijvoorbeeld in de vorm van een minimumperiode per maand waarin dat cabotagevervoer plaatsvindt?
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78c0a2a220b8f0125938ce231fbb2267bb111adf4f64ec34aa80e033a954178f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78c0a2a220b8f0125938ce231fbb2267bb111adf4f64ec34aa80e033a954178f, en de alinea staat in dat document op bytes 15379 tot 15941.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/78c0a2a220b8f0125938ce231fbb2267bb111adf4f64ec34aa80e033a954178f | shasum -a 256