Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2022
Onder 3.30 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2022, ECLI:NL:PHR:2022:442.
Dit uitgangspunt zien we ook terug in de literatuur, bijvoorbeeld bij Loos. In zijn boek over algemene voorwaarden wijst hij vervolgens op basis van rechtspraak en de literatuur de volgende elementen als relevant aan bij de beoordeling van de vraag of de gebruiker van een exoneratiebeding slaagt in het bewijs dat het beding niet onredelijk bezwarend is: de precieze omvang van de exoneratie, de vraag of het beding risico’s voor de gebruiker beheersbaar maakt die dat anders niet zouden zijn, in welk verband eventuele verzekeringsmogelijkheden van de gebruiker van belang zijn, de vraag of sprake is van een wanverhouding tussen de prijs die de gebruiker voor zijn prestatie ontvangt en de omvang van de voorzienbare schade indien bij de uitvoering van de prestatie een fout wordt gemaakt en de vraag of de consument zich bewust is van het exoneratiebeding en van de eventuele noodzaak tot verzekering. Een exoneratiebeding in een consumentenovereenkomst is alleen geldig en onaantastbaar, indien het als gezegd ‘kennelijk gerechtvaardigd’ is (randnummer 3.29 hiervoor). Vergelijkbare beschouwingen als die van Loos zijn terug te vinden bij Jongeneel in zijn hoofdstuk over exoneratiebedingen in een ander boek over algemene voorwaarden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/29a2a6fa1a5c95c225772f402491bf1429edc100936d0ca77dffa3324783c4cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 29a2a6fa1a5c95c225772f402491bf1429edc100936d0ca77dffa3324783c4cc, en de alinea staat in dat document op bytes 55943 tot 57586.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/29a2a6fa1a5c95c225772f402491bf1429edc100936d0ca77dffa3324783c4cc | shasum -a 256