Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2022
Onder 4.20 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:535.
Ook impliceert het oordeel van het hof in rov. 2.7 dat het verzuim onderzoek te doen naar de Bab-lening mogelijk eerder als wanbeleid had te gelden als het bestaan van de Bab-lening wél vast was komen te staan. Evenwel valt moeilijk in te zien wat dan het nut en de noodzaak was van een dergelijk onderzoek. Zulks bevestigt mijns inziens dat het hof eraan voorbij ziet dat het verzuim om aan de onderzoekplicht te voldoen juist relevant is zolang de onzekerheid over het bestaan van de Bab-lening, en de discussie daarover tussen MHS en Bab, voortduurde. Het doel van dat onderzoek was primair dat Intertrust als de bestuurder van de Vennootschappen hierover een zelfstandige positie kon innemen. Het verwijt dat Intertrust dat niet deed en dat dit wanbeleid oplevert blijft daarmee overeind staan, ook als het bestaan van de Bab-lening niet vast is komen te staan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e021a6b503bfd8a03036a10efe826ec35f50121cc1070868437420f599a8aabf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e021a6b503bfd8a03036a10efe826ec35f50121cc1070868437420f599a8aabf, en de alinea staat in dat document op bytes 64066 tot 64946.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e021a6b503bfd8a03036a10efe826ec35f50121cc1070868437420f599a8aabf | shasum -a 256