Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2022

Onder 3.11 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:539.

Het onderdeel klaagt in de eerste plaats dat het oordeel van de rechtbank dat de vernietiging van “het Octrooi” niet in de weg staat aan haar oordeel in rov. 5.3 (ook overigens) blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting. Volgens het onderdeel legt de rechtbank aan dat oordeel ten grondslag dat een rechterlijke uitspraak waarbij een octrooi wordt vernietigd ertoe leidt dat het octrooi onmiddellijk zijn rechtsgevolgen worden ontnomen, doch louter onder de opschortende voorwaarde dat het vonnis waarbij die vernietiging is uitgesproken uiteindelijk in kracht van gewijsde gaat. De rechtbank miskent hiermee, aldus de klacht, dat het vernietigingsvonnis (welk vonnis in kracht van gewijsde ging) onmiddellijk werking sorteerde althans dat het vernietigingsvonnis aan het octrooi onmiddellijk (met terugwerkende kracht) zijn rechtsgevolgen ontnam. De centrale beperking heeft er in ieder geval niet toe geleid dat het octrooi, ondanks het vernietigingsvonnis beperkt zou zijn althans dat de conclusies van het octrooi beperkt zouden zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a103f4d64472bc70df0048aa99147f0362469a32833ac53c83bf0e9adee29578. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a103f4d64472bc70df0048aa99147f0362469a32833ac53c83bf0e9adee29578, en de alinea staat in dat document op bytes 31364 tot 32486.