Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2022
Onder 3.45 Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:549.
Het hof heeft het bewijsaanbod van India, voor zover het betrekking heeft op haar stellingen over de relevante vergunningen, gepasseerd, omdat uit hetgeen het hof hiervoor heeft overwogen volgt dat die stellingen (i) niet van een voldoende onderbouwing zijn voorzien of (ii) niet doorslaggevend zijn voor de beoordeling van de vordering in deze vernietigingsprocedure (rov. 5.42). Nu het oordeel van het hof dat India niet aan haar stelplicht heeft voldaan, stand houdt, getuigt het passeren van het bewijsaanbod niet van een onjuiste rechtsopvatting over art. 166 Rv. Met de tweede grond (ii) heeft het hof kennelijk willen verwijzen naar rov. 5.10 waarin is overwogen dat sprake zou kunnen zijn van een ‘investering’ in de zin van het Verdrag indien de noodzakelijke vergunningen zouden zijn geweigerd, of op voorhand vast zou staan dat de noodzakelijke vergunningen niet zouden kunnen worden verkregen. De stellingen van India hebben geen betrekking op deze uitzonderingen, zodat het passeren van het bewijsaanbod niet onverenigbaar is met hetgeen het hof relevant heeft geacht voor zijn oordeel dat de investeringen van Devas c.s. kwalificeren als ‘investering’ in de zin van het Verdrag, en daarmee de beslissing in de vernietigingsprocedure. Onderdeel 2.4 faalt daarom in zijn geheel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef562a8ea5570ec1af681cb643fd1eaeca65784728d1fc98aff95223f7a56456. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef562a8ea5570ec1af681cb643fd1eaeca65784728d1fc98aff95223f7a56456, en de alinea staat in dat document op bytes 75735 tot 77047.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ef562a8ea5570ec1af681cb643fd1eaeca65784728d1fc98aff95223f7a56456 | shasum -a 256