Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022

Onder 9.7 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:578.

Door feitenrechters is wel geoordeeld dat een vrije vervangingsclausule in de weg staat aan een arbeidsovereenkomst. Zo is in een van de PostNL -zaken geoordeeld dat geen sprake was van een arbeidsovereenkomst met een pakketbezorger die zich structureel door meerdere andere vervoerders had laten bijstaan, die meer routes had dan hij zelfstandig ooit zou kunnen rijden en die aldus een onderneming dreef. En in een uitspraak uit 2016 oordeelde het hof Amsterdam dat, gelet op de contractuele bepaling dat er geen verplichting tot persoonlijke arbeidsverrichting bestaat, niet kan worden gesproken van een verplichting om de arbeid persoonlijk te verrichten. Ook hier ging het om een pakketbezorger die de inzet van anderen als ondernemingsmodel gebruikte. In de uitspraak Persgroep oordeelde het Amsterdamse hof in 2018 dat krantenbezorgers geen arbeidsovereenkomst hadden. Aan dat oordeel was onder meer ten grondslag gelegd dat de bezorgers zich altijd konden laten vervangen (en dat dit in de praktijk ook gebeurde), zonder dat zij daarvoor toestemming van de Persgroep hoefden te vragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10, en de alinea staat in dat document op bytes 160199 tot 161630.