Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022

Onder 11.4 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:578.

Het hof overweegt in rov. 3.2 van zijn arrest dat bezorgers die het niet eens zijn met zijn oordeel in deze procedure, zich daartegen kunnen verzetten op grond van art. 3:305a lid 5 BW. Nu het vijfde lid van het per 1 januari 2020 geldende art. 3:305a BW een andere inhoud heeft, kan op basis van deze overweging van het hof worden aangenomen dat het hof toepassing heeft gegeven aan art. 3:305a BW zoals dat gold tot 1 januari 2020. Dat oordeel is juist en er worden in cassatie dan ook geen klachten tegen gericht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10, en de alinea staat in dat document op bytes 184056 tot 184649.