Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022

Onder 11.25 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:578.

Evenmin geldt de eis dat alle belanghebbenden zich in de collectieve actie moeten kunnen vinden. Ook als een (al dan niet aanmerkelijk) deel van belanghebbenden niet instemt met (het doel van) de collectieve vordering of zelfs een tegenovergesteld standpunt inneemt, staat dat volgens de Hoge Raad op zichzelf niet in de weg aan het oordeel dat is voldaan aan het gelijksoortigheidsvereiste, nu de wetgever – vóór de invoering van de WAMCA, zo voeg ik toe – bewust niet de eis heeft willen stellen dat de belangenorganisatie voldoende representatief is. De Hoge Raad acht daarbij van belang dat belanghebbenden zich op grond van art. 3:305a lid 5 BW (oud) in beginsel aan de werkingssfeer van de rechterlijke uitspraak kunnen onttrekken (zie hiervóór, onder 11.17-11.19).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10, en de alinea staat in dat document op bytes 205134 tot 206054.