Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022

Onder 15.20 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:578.

Deze klacht slaagt niet. Zoals weergegeven onder 15.2 heeft het hof, na te hebben geoordeeld dat de betalingen op zichzelf kunnen kwalificeren als loon en dat de wijze van betaling meer lijkt op die van een arbeids- dan een opdrachtovereenkomst, onderzocht hoe de hoogte van de beloning wordt vastgesteld. Het hof oordeelt dan in rov. 3.8.2 dat de individuele bezorgers geen invloed hebben op de hoogte van het loon en dat ook niet is gebleken dat bezorgers daarop anderszins invloed hebben gehad, bijvoorbeeld als gevolg van het voeren van collectieve acties. Hier doet zich dus niet de situatie voor waarin de bezorgers wél invloed zouden hebben op de hoogte van hun beloning (wat kan wijzen in de richting van ondernemerschap en het ontbreken van een arbeidsovereenkomst, zie rov. 3.8.3, achtste en negende volzin, en zie onder 8.13 e.v.). Van onbegrijpelijkheid is geen sprake: (ook) op dit punt is geen sprake van een omstandigheid die eerder wijst op de afwezigheid van een arbeidsovereenkomst dan op de aanwezigheid daarvan, en het hof brengt dat in rov. 3.8.4 tot uitdrukking.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10, en de alinea staat in dat document op bytes 296424 tot 297522.