Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022
Onder 17.3 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:578.
Subonderdeel 6.2 klaagt over het oordeel van het hof in rov. 3.10.1, dat aan de voorwaarden voor toepassing van het rechtsvermoeden uit art. 7:610a BW is voldaan. Die voorwaarden zijn dat gedurende drie opeenvolgende maanden, wekelijks dan wel ten minste twintig uren per maand, tegen beloning arbeid is verricht. Het hof heeft echter niets vastgesteld omtrent de vraag of de bezorgers drie opeenvolgende maanden, wekelijks dan wel gedurende ten minste twintig uren per maand, werkzaamheden hebben verricht. Door het rechtsvermoeden desalniettemin toepasselijk te achten, heeft het hof blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting, althans is zijn oordeel onvoldoende (begrijpelijk) gemotiveerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10, en de alinea staat in dat document op bytes 361313 tot 362071.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c882b6a0963632bbf99f4d1a4605c71e7132dc6be72c3b86160bfec9bcf15e10 | shasum -a 256