Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2022

Onder 3.39 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2022, ECLI:NL:PHR:2022:678.

Een contractuele regeling die ertoe leidt dat de particuliere opdrachtgever meer verschuldigd is dan op grond van de wet, is uiteraard niet met het dwingendrechtelijke karakter van onder meer art. 7:411 BW te verenigen. De soepele hantering van de wettelijke regels in verband met de grote variëteit van opdrachten (hiervoor 3.3) gaat niet zover dat dwingend recht soms toch geen dwingend recht is. Voor zover dit niet reeds vanzelf spreekt, geldt dat het aansluit bij de keuze van de wetgever om dwingend recht van de werking van de uitschakelbepaling van art. 7:400 lid 2 BW uit te zonderen (hiervoor 3.6).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9cbee3159fb8864485a3827b95d09de63e39bc1c54f5cbfa81646fe29d5b5544. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9cbee3159fb8864485a3827b95d09de63e39bc1c54f5cbfa81646fe29d5b5544, en de alinea staat in dat document op bytes 70610 tot 71268.