Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2022

Onder 4.35 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2022, ECLI:NL:PHR:2022:678.

Cleveringa verwees eenvoudig naar zijn commentaar op art. 48 Rv; hij ging er dus vanuit dat ook in verstekzaken dwingend recht door de rechter wordt gehandhaafd. Wat bij Star Busmann/Rutten is te lezen, komt op hetzelfde neer. Hugenholtz/Heemskerk werkte niet uit wat onder maatstaf van art. 76 Rv (oud) is te verstaan, mogelijk omdat dit vanwege het verband met art. 48 Rv (oud) vanzelf sprak.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9cbee3159fb8864485a3827b95d09de63e39bc1c54f5cbfa81646fe29d5b5544. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9cbee3159fb8864485a3827b95d09de63e39bc1c54f5cbfa81646fe29d5b5544, en de alinea staat in dat document op bytes 125033 tot 125633.