Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2022

Onder 3.3 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:699.

Een tweede bron hangt samen met het belastingplichtig worden van gemeenschappelijke regelingen. Onderdeel van de wetgeving omtrent de invoering van het BTW-compensatiefonds is het vervallen van de buitenwettelijke vrijstelling die gemeenschappelijke regelingen een vrijstelling voor de BTW verleent. Hierdoor zullen gemeenschappelijke regelingen voortaan BTW in rekening brengen bij de deelnemende gemeenten en provincies over zowel de inkoopkosten als de toegevoegde waarde van de regeling. Op dit moment brengt de gemeenschappelijke regeling impliciet alleen BTW over de inkoopkosten bij de deelnemers in rekening. Het verschil – de BTW over de toegevoegde waarde – leidt tot extra BTW-lasten voor de gemeenten en provincies en daarmee tot een hogere bijdrage uit het fonds. Deze hogere bijdrage wordt gefinancierd uit de extra BTW-ontvangsten door het Rijk die hier direct mee samenhangen. Nader onderzoek in de loop van het jaar 2001 zal moeten uitwijzen wat de omvang is van deze component.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcbdc50b5d47d476b8217f479b7794bb68cabc5d4c534447296c5c8c790377f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcbdc50b5d47d476b8217f479b7794bb68cabc5d4c534447296c5c8c790377f3, en de alinea staat in dat document op bytes 38398 tot 39410.