Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 september 2022

Onder 4.23 Parket bij de Hoge Raad 2 september 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:779.

Het hof heeft niet miskend dat de partijbedoelingen beslissend zijn. Uit de verwijzing naar het arrest […] /Van Hees q.q. in rov. 3.18 van zijn vonnis blijkt immers al dat het hof de maatstaf van dat arrest heeft toegepast. Zijn arrest bevat geen aanwijzingen voor het tegendeel. Integendeel: in het tussenkopje boven rov. 3.17 staat ook met zoveel woorden ‘de bedoeling van partijen’. De ‘inhoud van de betrokken rechtshandelingen, de onderlinge afstemming daarvan en de samenhang tussen die handelingen’ waarnaar het hof in rov. 3.18 verwijst, betreffen bovendien alle directe verwijzingen naar de partijbedoelingen. Dat het hof de bedoelingen van de partijen beslissend heeft geacht, blijkt ook uit het vervolg van rov. 3.18, waarin het hof juist het nodige over die bedoelingen vaststelt. Subonderdeel 1.2 berust dus op een onjuiste lezing van het vonnis van het hof.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45c7fa993d71225baee62a6393634577af558b748b5dad36ca6ffcae6f2b88bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45c7fa993d71225baee62a6393634577af558b748b5dad36ca6ffcae6f2b88bc, en de alinea staat in dat document op bytes 71267 tot 72161.