Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 september 2022
Onder 3.15 Parket bij de Hoge Raad 2 september 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:779.
In zijn verweerschrift in cassatie signaleert de curator (op p. 4) dat art. 3:27 lid 2 BW NL ‘voor het hier aan de orde zijnde geval van het aanwenden van een rechtsmiddel tegen een verklaring voor recht omtrent een recht op een registergoed’ de eis bevat dat de dagvaarding waarbij het rechtsmiddel wordt ingesteld, op straffe van niet-ontvankelijkheid, binnen acht dagen wordt ingeschreven in het register als bedoeld in art. 433 Rv NL. Naar hij opmerkt, ontbreekt dat voorschrift in art. 3:27 lid 2 BWSM, maar zal hij desalniettemin de griffier van het hof verzoeken het voorwaardelijk ingestelde incidenteel beroep in cassatie aan te tekenen in het rechtsmiddelenregister.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45c7fa993d71225baee62a6393634577af558b748b5dad36ca6ffcae6f2b88bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45c7fa993d71225baee62a6393634577af558b748b5dad36ca6ffcae6f2b88bc, en de alinea staat in dat document op bytes 32807 tot 33500.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/45c7fa993d71225baee62a6393634577af558b748b5dad36ca6ffcae6f2b88bc | shasum -a 256