Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2022
Onder 11.29. Parket bij de Hoge Raad 13 september 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:820.
De onzijdigheid van de rechter is diep verankerd in onze rechtsorde. In de eerste plaats valt te wijzen op art. 17 lid 1 Grondwet, dat bepaalt dat ieder bij het vaststellen van zijn rechten en verplichtingen of bij het bepalen van de gegrondheid van een tegen hem ingestelde vervolging recht heeft op een eerlijk proces binnen een redelijke termijn voor een onafhankelijke en onpartijdige rechter. De benoeming voor het leven van rechters vormt in dit verband een belangrijke waarborg voor onafhankelijkheid (art. 117 lid 1 Grondwet). Ook in verdragen vindt de onzijdigheid van de rechter bescherming. Bij het vaststellen van zijn burgerlijke rechten en verplichtingen of bij het bepalen van de gegrondheid van een tegen hem ingestelde vervolging heeft een ieder recht op een eerlijke en openbare behandeling van zijn zaak, binnen een redelijke termijn, door een onafhankelijk en onpartijdig gerecht dat bij de wet is ingesteld (art. 6 EVRM; vgl. ook art. 14 IVBPR en ten aanzien van door het recht van de Unie gewaarborgde rechten en vrijheden art. 47 Handvest).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e158c0807e9e424e6848947420f643aa7ee6eace08053fae311963298e3ea0a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e158c0807e9e424e6848947420f643aa7ee6eace08053fae311963298e3ea0a, en de alinea staat in dat document op bytes 115616 tot 116693.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e158c0807e9e424e6848947420f643aa7ee6eace08053fae311963298e3ea0a | shasum -a 256