Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 september 2022

Onder 5.2. Parket bij de Hoge Raad 13 september 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:820.

De eed is door de geschiedenis heen vrijwel steeds afgelegd door het uitspreken van een eedformule, vaak in combinatie met een eedgebaar. Omdat de eed in vroeger tijden veelal als iets sacraals werd beschouwd, werden de precieze uitspraak van de eedformule en de nauwgezette toepassing van het handgebaar van groot belang geacht. Ook in meer recente tijden komt het voor dat beëdigingen worden overgedaan omdat niet de juiste bewoordingen zijn gebruikt of omdat de uitvoering van het bijpassende gebaar niet is gelukt. Een bekend voorbeeld van de eerste categorie vormt de beëdiging van Barack Obama tot president van de Verenigde Staten in 2009, waarin de eedformule niet vlekkeloos werd uitgesproken. Een veelvoorkomend voorbeeld van de tweede categorie betreft het gebruik van de linker- in plaats van de rechterarm bij de eed. Combinaties, dat wil zeggen gebreken in woord én gebaar, komen ook voor.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e158c0807e9e424e6848947420f643aa7ee6eace08053fae311963298e3ea0a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e158c0807e9e424e6848947420f643aa7ee6eace08053fae311963298e3ea0a, en de alinea staat in dat document op bytes 25975 tot 27022.