Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2022
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:832.
De verdediging is, onder verwijzing naar het arrest van het hof ’s-Gravenhage van 2 oktober 1996, NJ 1997/16 alsmede de arresten van de Hoge Raad van 18 maart 1997, NJ 1998/71 en 22 mei 2001, NJ 2001/699, de mening toegedaan dat het billijk is om de verdachte, als medevennoot, eveneens van die inkeer te laten profiteren. Indien het hof mocht oordelen dat de inkeer niet (ook) geldt voor de verdachte, stelt de verdediging voor om naar analogie van het bepaalde in artikel 50 van het Wetboek van Strafrecht de inkeer derdenwerking te laten hebben.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dbb8b9da2b1f218cde54e35c32c8886aecbcb29a5cdfeb95f1c8f2b7633a25bb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dbb8b9da2b1f218cde54e35c32c8886aecbcb29a5cdfeb95f1c8f2b7633a25bb, en de alinea staat in dat document op bytes 10941 tot 11505.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dbb8b9da2b1f218cde54e35c32c8886aecbcb29a5cdfeb95f1c8f2b7633a25bb | shasum -a 256