Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2022
Onder 3.2. Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2022, ECLI:NL:PHR:2022:839.
De vierde deelklacht klaagt over het gebruik van de verklaringen van [getuige 1] (bewijsmiddelen 7 en 8) door het hof om tot een bewezenverklaring te komen. De steller van het middel voert aan dat het ondervragingsrecht, voortvloeiend uit art. 6 EVRM, is geschonden, omdat de raadsvrouw van de verdachte in eerste aanleg kenbaar heeft gemaakt [getuige 1] te willen horen, zij zich tegen het gebruik van de verklaring van [getuige 1] voor het bewijs heeft verweerd met een onderbouwde klacht, het hof heeft vastgesteld dat het horen van deze getuige noodzakelijk is maar het niet gelukt is [getuige 1] terug te vinden, waardoor het verhoor niet plaatsgevonden heeft. Over de onvindbaarheid heeft de raadsvrouw van verdachte nog aangevoerd dat toen het hof het verhoor van [getuige 1] gelastte, hij gedetineerd en dus goed bereikbaar was en men pas een half jaar later tot de bevinding kwam dat hij kennelijk kort voordien in vrijheid was gesteld en niet meer terug te vinden was. Vervolgens is het hof volgens de raadsvrouw voorbijgegaan aan het gevoerde verweer dat het ondervragingsrecht is geschonden, zonder hieraan expliciet een overweging te wijden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/486a15d43bd1bae3aedef584aaf0269f4bad19accef02017238ddef13bc900fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 486a15d43bd1bae3aedef584aaf0269f4bad19accef02017238ddef13bc900fe, en de alinea staat in dat document op bytes 46226 tot 47394.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/486a15d43bd1bae3aedef584aaf0269f4bad19accef02017238ddef13bc900fe | shasum -a 256