Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 september 2022

Onder 3.21 Parket bij de Hoge Raad 23 september 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:842.

Het verzoek van CHL dat de Hoge Raad zelf de kostenveroordeling van het hof verbetert, kan naar ik meen niet worden ingewilligd, gelet op de gegrondheid van de onderdelen 1 en 2 (en mogelijk 3). De beslissing van het hof in het incidenteel hoger beroep – die inhoudt dat de door Antea gevorderde vergoeding van BTW het lot moet delen van haar vordering tot vergoeding van de kosten (zie rov. 12 van het eindarrest van het hof) – bouwt namelijk voort op de door die onderdelen bestreden oordelen van het hof. Wordt na verwijzing tot een andere beslissing gekomen over de door Antea gevorderde kostenvergoeding, dan kan ook de beslissing in het incidenteel beroep over de vergoeding van de BTW, en dus ook de kostenveroordeling in dat beroep, anders uitvallen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/644d1fbdf6e8feb0e475aebe0203b8d3b58d35a30ead8667cc49d6d276fdc9b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 644d1fbdf6e8feb0e475aebe0203b8d3b58d35a30ead8667cc49d6d276fdc9b9, en de alinea staat in dat document op bytes 78424 tot 79199.