Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022

Onder 4.27 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:871.

“Intussen kan men zich afvragen in welke omstandigheden de eigenaar van een overbouw die te kwader trouw of met grove schuld inbreuk pleegt op de eigendom van anderen, beschermd moet worden. Gegeven dat kwade trouw in het goederenrechtelijk verkeer in subjectieve zin moet worden opgevat, dit wil zeggen dat de eigenaar beter wist, meen ik dat dit alleen onder zeer uitzonderlijke omstandigheden zou mogen gebeuren. Mijn argument is dat het willens en wetens schenden van een recht van een ander teneinde op die manier iets af te dwingen – want daar komt het op neer –, niet anders gekwalificeerd kan worden dan als eigenrichting. Met het belonen daarvan mag men niet scheutig zijn.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45925d2119bdb9c4bdcc3a863d27cab054df467cd08ffc30dc95fe3707aa908a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45925d2119bdb9c4bdcc3a863d27cab054df467cd08ffc30dc95fe3707aa908a, en de alinea staat in dat document op bytes 114326 tot 115095.