Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022

Onder 4.31 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:871.

Dit subonderdeel gaat uit van een verkeerde lezing van het oordeel van het hof en faalt daarmee bij gebrek aan feitelijke grondslag. Het hof heeft immers in rov. 5.6.2 niet overwogen dat [eiser] is doorgegaan met bouwen hoewel hij wist of moest weten dat hij in strijd handelde met de omgevingsvergunning van 20 april 2016 (zie ook onder 2.8 hiervoor). Het hof stelt slechts vast: “Bovendien heeft [eiser] in dat opzicht ook in strijd gehandeld met de hem van gemeentewege verleende vergunning”. Dat is m.i. een overweging ten overvloede (zie ook onder 4.27 hiervoor). Ik merk hierover niettemin nog het volgende op. De bouwinspecteur van de gemeente Groningen heeft per e-mail van 10 augustus 2016 aan [verweerder] laten weten:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45925d2119bdb9c4bdcc3a863d27cab054df467cd08ffc30dc95fe3707aa908a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45925d2119bdb9c4bdcc3a863d27cab054df467cd08ffc30dc95fe3707aa908a, en de alinea staat in dat document op bytes 124651 tot 125396.