Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022
Onder 3.13 Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 september 2022, ECLI:NL:PHR:2022:871.
“5.1 Vooraleer toe te komen aan de bespreking van de grieven, die zich richten tegen de beslissing(en) van de rechtbank, stelt het hof vast dat [eiser] met een beroep op artikel 225 jo. 353 Rv heeft aangegeven dat hij de eigendom van de onroerende zaak aan de [b-straat] 12 , kadastraal bekend [gemeente] , [sectie] , nummer [006] (lees: het perceel met de overbouwing) op 31 december 2020 heeft overgedragen aan een derde, te weten de Stichting Brick One. Daarmee is deze stichting volgens hem aan te merken als rechtsopvolger onder bijzondere titel waar het betreft de eigendom van de onroerende zaak. [eiser] heeft zich daarbij op het standpunt gesteld dat hij daarom recht en belang heeft bij een schorsing van het geding op grond van de eerder genoemde artikelen, nu de rechtsbetrekking waarin [eiser] het onderhavig geding heeft gevoerd is opgehouden te bestaan als gevolg van die eigendomsoverdracht. 5.2 [verweerder] erkent dat een rechtsopvolging onder bijzondere titel in beginsel een grond oplevert voor een schorsing van het geding, maar hij verzet zich tegen een dergelijk gevolg als in strijd met de regels van goede procesorde. [verweerder] zet vraagtekens bij de kapitaalkracht en kennis en ervaring bij deze pas opgerichte stichting, terwijl bovendien niet duidelijk is of [eiser] als certificaathouder direct of indirect bij de stichting is betrokken en verder elk inzicht ontbreekt welke nadere afspraken [eiser] en de stichting hebben gemaakt over de voorwaarden van de overdracht. Ook is niet duidelijk of Stichting Brick One het onderhavige geding zal overnemen en welke (nadere) stellingen en verweren zij daarbij mogelijk zal voeren, waardoor [verweerder] mogelijk op (extra) kosten zal worden gejaagd. 5.3 Het hof wijst de door [eiser] aangekondigde schorsing van het geding af. Het hof is met [verweerder] van oordeel dat [eiser] te veel onduidelijkheid heeft gelaten rondom de eigendomsoverdracht van het perceel en het daarop inmiddels opgetrokken appartementencomplex, nota bene op de laatste dag waarop de veroordeling tot amotie zonder de verschuldigdheid van een dwangsom nog mogelijk was. [eiser] heeft geen enkel inzicht verschaft over de voorwaarden van die verkoop aan een kort daarvoor opgerichte stichting -waarvan niet duidelijk is of hij daar op enigerlei wijze bij betrokken is- en hij heeft verder nagelaten – en dat is voor de voortgang van dit geding waarin de memorie van antwoord al is genomen niet onbelangrijk – enig inzicht te verschaffen over de bereidheid van de Stichting Brick One om het geding op eigen naam en met overname van de eventuele verplichtingen voortvloeiend uit deze procedure voort te zetten. Van [verweerder] kan niet worden verlangd dat hij, wanneer onduidelijk is of [eiser] en/of de stichting gebruik zullen maken van de mogelijkheid om een partijwisseling te bewerkstelligen, te lang in het ongewisse blijft en hem aldus de titel wordt onthouden waar hij aanspraak op wenst te maken. Daarmee is het processuele belang van [verweerder] op onverwijlde voortzetting van het geding gegeven.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45925d2119bdb9c4bdcc3a863d27cab054df467cd08ffc30dc95fe3707aa908a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45925d2119bdb9c4bdcc3a863d27cab054df467cd08ffc30dc95fe3707aa908a, en de alinea staat in dat document op bytes 19499 tot 22603.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/45925d2119bdb9c4bdcc3a863d27cab054df467cd08ffc30dc95fe3707aa908a | shasum -a 256