Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023

Onder 3.25 Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023, ECLI:NL:PHR:2023:167.

Zoals uit het voorgaande volgt, houden de door TVM c.s. gekozen verdelingen in dat (enerzijds) een aantal van hen bij de verdeling minder ontvangt dan waarop een verdeling overeenkomstig de regel van art. 3:277 lid 1 BW hen recht had gegeven, waardoor (anderzijds) anderen van hen meer hebben kunnen ontvangen dan waarop een verdeling overeenkomstig de regel van art. 3:277 lid 1 BW hen recht gaf. Gesteld noch gebleken – en daar gaat deze zaak dan ook niet over – is dat deze anderen daardoor meer zouden hebben ontvangen dan het bedrag van hun vordering op de betrokken geëxecuteerde. Het komt dus erop neer dat degenen die niets of minder op hun vordering hebben ontvangen bij de respectievelijke verdelingen, in het kader van de onderlinge afspraken, (in zoverre) hebben afgezien van hun aanspraak om (voor hun deel) mee te delen in de executieopbrengst. Zoals hiervoor bleek, hééft een schuldeiser in beginsel die mogelijkheid. Hij is niet verplicht verhaal te nemen op zijn schuldenaar of, als hij een eenmaal beslag heeft gelegd, om mee te delen in een executieopbrengst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23561b8a3cb84c2742065fd04683a62236a09fae8433f92071d33da3c9d6836d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23561b8a3cb84c2742065fd04683a62236a09fae8433f92071d33da3c9d6836d, en de alinea staat in dat document op bytes 54659 tot 55758.