Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023
Onder 3.32 Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023, ECLI:NL:PHR:2023:167.
Middel 4 klaagt dat het hof TVM c.s. ten onrechte in de proceskosten van de eerste aanleg heeft veroordeeld. Het hof is volgens het middel tot een andere beslissing dan de voorzieningenrechter gekomen omdat [verweerder] in hoger beroep de hiervoor in 2.5 genoemde betaling aan TVM c.s. heeft gedaan. Uit het oordeel van het hof volgt derhalve niet dat de uitspraak van de voorzieningenrechter niet juist was. Het hof had dit met het oog op de beslissing over de kosten van de eerste aanleg wel moeten onderzoeken, aldus het middel, dat hiervoor verwijst naar een arrest van de Hoge Raad van 24 november 1995 en een recente art. 81 RO-uitspraak. Volgens het middel volgt uit de stellingen van [verweerder] dat hij zelf van mening was dat er ten tijde van het vonnis van de voorzieningenrechter nog een vordering op hem resteerde. Daarin ligt volgens TVM c.s. besloten dat [verweerder] meent dat de voorzieningenrechter de vordering terecht heeft afgewezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23561b8a3cb84c2742065fd04683a62236a09fae8433f92071d33da3c9d6836d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23561b8a3cb84c2742065fd04683a62236a09fae8433f92071d33da3c9d6836d, en de alinea staat in dat document op bytes 61591 tot 62624.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/23561b8a3cb84c2742065fd04683a62236a09fae8433f92071d33da3c9d6836d | shasum -a 256