Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023

Onder 3.10 Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2023, ECLI:NL:PHR:2023:167.

Middel 2 klaagt subsidiair dat het hof in rov. 5.13 heeft miskend dat art. 480 lid 2 Rv niet inhoudt dat een afwijkende regeling voor de verdeling van een executieopbrengst, zoals in casu aan de orde is, afhankelijk is van de instemming van de geëxecuteerde. De geëxecuteerde dient volgens het middel slechts bij de verdeling te worden betrokken opdat hij de mogelijkheid heeft om te voorkomen dat schuldeisers méér ontvangen dan waarop zij jegens hem recht hebben. Volgens het middel kan uit art. 480 lid 2 Rv niet worden afgeleid dat deze bepaling een uitzondering maakt op het recht dat de schuldeiser heeft bij hoofdelijke verbondenheid van zijn schuldenaren, om zelf te bepalen op welke schuldenaar hij zijn vordering verhaalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23561b8a3cb84c2742065fd04683a62236a09fae8433f92071d33da3c9d6836d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23561b8a3cb84c2742065fd04683a62236a09fae8433f92071d33da3c9d6836d, en de alinea staat in dat document op bytes 37093 tot 37892.