Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2023

Onder 7.2 Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2023

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2023, ECLI:NL:PHR:2023:344.

“Het hof stelt vast dat [verdachte] zaak deel uitmaakt van een zeer groot onderzoek naar liquidaties met meerdere verdachten. De zaken tegen de verdachten hangen onmiskenbaar met elkaar samen en ook het gebruik van Ennetcom-data speelt in alle zaken. Zowel in eerste aanleg als in hoger beroep zijn er in deze zaak (al dan niet ambtshalve) onderzoekshandelingen verricht. Daarbij zijn geen perioden van inactiviteit geconstateerd door het hof. Zo is het kabinet van de raadsheer-commissaris voortdurend in de weer geweest om contact te krijgen met getuigen waarvan de verblijfplaats niet bekend was en is het pas in juni 2021 gelukt om één van de voor de verdediging belangrijkste getuigen te horen over de gang van zaken bij Ennetcom. Het uitgangspunt dat de behandeling van een strafzaak tegen een verdachte die zich in preventieve hechtenis bevindt, in elke instantie binnen zestien maanden dient plaats te vinden is daarom niet zonder meer toepasbaar op deze zaak. Aan het eind van de procedure in hoger beroep is onverwacht een geringe vertraging van enkele weken ontstaan door verwikkelingen in een zaak van een medeverdachte. Gelet op al deze omstandigheden zal het hof volstaan met de enkele constatering van de overschrijding van de redelijke termijn in zowel de fase van eerste als in tweede aanleg.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebdff2c72fb3a22c0163b286e0df908c7c40378bee62e1252b386a578ea11db8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebdff2c72fb3a22c0163b286e0df908c7c40378bee62e1252b386a578ea11db8, en de alinea staat in dat document op bytes 65905 tot 67234.