Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2023
Onder 3.19 Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2023
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2023, ECLI:NL:PHR:2023:352.
Ik heb me allereerst afgevraagd of bij deze klacht in cassatie enig zelfstandig belang bestaat. De klacht ten overstaan van het hof, dat onvoldoende tijd en gelegenheid heeft bestaan om de verdediging te voeren kan immers niet tot de ‘sanctie’ van bewijsuitsluiting leiden maar hooguit tot de beslissing om alsnog aan de verdediging de gevraagde tijd en faciliteiten te bieden. Van enig vormverzuim dat tijdens het vooronderzoek is begaan, waarop art. 359a Sv betrekking op heeft, is uiteraard ook geen sprake, gelet op de stand van het geding. De klacht in het middel lost zich dus op in de klacht dat het hof een onjuiste uitleg heeft gegeven aan art. 6 EVRM, in verband met de kennisname van de Ennetcom-data.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9e90cff2ff4844d815614be3d1f23d8650b219f45ba7dcd2565da6e9f572902a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9e90cff2ff4844d815614be3d1f23d8650b219f45ba7dcd2565da6e9f572902a, en de alinea staat in dat document op bytes 86676 tot 87405.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9e90cff2ff4844d815614be3d1f23d8650b219f45ba7dcd2565da6e9f572902a | shasum -a 256