Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2023

Onder 4.28 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2023

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2023, ECLI:NL:PHR:2023:451.

4. De verjaringstermijn is gaan lopen bij aanvang van de overeenkomst op 24 december 2009, of in ieder geval vlak daarna. De stellingen van [eiseressen] ondersteunen dit aanvangsmoment. klaagt namelijk dat de Bank haar confronteerde met niet toegestane tariefsverhogingen en ongeoorloofde beperkingen van het krediet. [eiseressen] stelt ook dat zij zich daarvan bewust was en kennelijk met tegenzin akkoord is gegaan vanwege een vermeende en door de Bank bestreden dwangpositie. Met het oog hierop snijdt de stelling geen hout dat [eiseressen] pas wist dat de Bank onzorgvuldig en onrechtmatig had gehandeld op het moment dat zij contact legde met een advocaat. Al voordat juridisch advies werd ingewonnen, beschikte [eiseressen] over voldoende kennis en inzicht om te beoordelen of zij schade leed of zou lijden als gevolg van het tekortschietend of foutief handelen van de Bank . Ook het beroep op misbruik van omstandigheden bij de ondertekening van [de] overeenkomst op 24 december 2009 is verjaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6c228d4e40a6d97871774c3403f4a69fcb740f2f4ceb11b91900844db0280dc0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6c228d4e40a6d97871774c3403f4a69fcb740f2f4ceb11b91900844db0280dc0, en de alinea staat in dat document op bytes 120872 tot 121927.