Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2023
Onder 3.33.2 Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2023
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2023, ECLI:NL:PHR:2023:697.
Op zichzelf is denkbaar dat het hof, doorredenerend op basis van de gestelde en gebleken feiten, tot de conclusie komt dat een rechtsregel – mijns inziens heeft het hof zijn oordeel gebaseerd op de maatstaven van redelijkheid en billijkheid (zie hiervoor in 3.15.1) − meebrengt dat een standpunt van een partij moet worden verworpen. Indien het verworpen standpunt van verweerder (hier: [verzoekster] c.s.) is, kan de verwerping van het verweer tot gevolg hebben dat de vordering of het verzoek toewijsbaar is. Daarvoor is dan wel vereist dat hetgeen aan de vordering of het verzoek ten grondslag is gelegd, voldoende is om die vordering of dat verzoek toe te wijzen. : Aan dit vereiste is hier niet voldaan. Daarom heeft het hof m.i. in zoverre in strijd met art. 24 Rv de feitelijke grondslag van het verzoek van [verweerster 1] c.s. aangevuld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9f70d21dd14bf0bfa5a3184656ea0de23c2bfe34991166ef996a0e42ebb7221. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9f70d21dd14bf0bfa5a3184656ea0de23c2bfe34991166ef996a0e42ebb7221, en de alinea staat in dat document op bytes 62395 tot 63322.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e9f70d21dd14bf0bfa5a3184656ea0de23c2bfe34991166ef996a0e42ebb7221 | shasum -a 256