Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2023

Onder 3.8 Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2023

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juli 2023, ECLI:NL:PHR:2023:697.

In de derde plaats volgt uit het voorgaande dat betwijfeld kan worden of ASR onverschuldigd heeft betaald aan Direktbank, zoals het hof lijkt te veronderstellen in rov. 6.5.5-6.5.8 van zijn eindbeschikking (zie ook rov. 3.8.12.1 van de tussenbeschikking). Naar mijn mening dient de instemming van [verzoekster] met de betaling van ASR aan Direktbank veeleer te worden aangemerkt als een bekrachtiging door [verzoekster] van die betaling (art. 6:32 BW). Door de bekrachtiging is alsnog met terugwerkende kracht sprake geweest van een bevrijdende betaling van het bedrag door ASR aan [verzoekster] . Achteraf bezien was er dus geen onverschuldigde betaling door ASR aan Direktbank. Er is sprake van een zogenaamde ‘verkorte’ betaling: ASR voldeed haar schuld aan [verzoekster] door het bedrag van € 400.000 uit te keren aan Direktbank ter delging van de schuld van [verzoekster] en erflater aan Direktbank. Het geld ging dus niet eerst feitelijk van ASR naar [verzoekster] en vervolgens van haar naar Direktbank. Met deze verkorte betaling voldeed ASR haar schuld aan [verzoekster] en voldeed [verzoekster] voor een bedrag van € 400.000 ten laste van haar vermogen de schuld van haarzelf en van erflater aan Direktbank.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9f70d21dd14bf0bfa5a3184656ea0de23c2bfe34991166ef996a0e42ebb7221. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9f70d21dd14bf0bfa5a3184656ea0de23c2bfe34991166ef996a0e42ebb7221, en de alinea staat in dat document op bytes 37901 tot 39233.